Langdurig dalen: 5x superpistes
Wat is er mooier dan kilometerslang afdalen door een weergaloos berglandschap? En nee, daarvoor hoef je geen topper te zijn.
Wat is er mooier dan kilometerslang afdalen door een weergaloos berglandschap? En nee, daarvoor hoef je geen topper te zijn.
Vijf superpistes voor de gewone vakantieskiër.
Het vertrekpunt is al fraai. Boven het moderne skidorp Flaine stap je uit de lift en daar ligt het Mont Blancmassief in volle glorie voor je, inclusief de enorme witte top van west-Europa’s hoogste berg.
De piste begint iets verderop, nabij de lift met de fraaie naamLe Desert Blanc, ‘de witte woestijn’. Met een lengte van 14 kilometer is het de langste blauwe afdaling van de Alpen. De eerste helft is van een schoonheid die je zelden ziet: de bergen van het Grand Massif links, de Mont Blanc rechts.
De afdaling is breed en heeft op de eerste kilometers maar net genoeg hellingshoek om voldoende snelheid te kunnenmaken. De goed geprepareerde baan ligt hier als een maagdelijke loper door een immense bergwereld. Je voelt je er klein en nietig. Dat gevoel wordt versterkt doordat het vaak extreem rustig is op de piste. Vanaf het eindpunt moet je namelijkmet de bus terug en dat wil niet iedereen.
Na het panoramatraject maakt de route een knik omlaag en ruil je het rondkijken in voor stevig doorskiën. De afdaling slingert, verandert voortdurend van steilte en gaat van breed naar smal en weer terug. Eenmaal in het ritme loop je het risico de leukste stop te missen: Le Refuge du Lac de Gers. Rem af bij een telefoon onder een afdak, die hangt er om de waard van de Refuge te melden dat je er bent. Hij komt je met de sneeuwscooter halen. Hangend aan een touw achter die motoneige gaat het richting de lunchmet droomuitzicht.
Het terras van de Refuge biedt uitzicht op het besneeuwde meer en de Combe de Gers, een geliefde helling bij freeriders. Als de omstandigheden goed zijn – genoeg sneeuw, geen lawinegevaar – dan zie je hen offpiste naar beneden komen. Het is een plek die vooral bekend is bij insiders. Adrenalinejunk Richard Branson kwam er speciaal met de helikopter voor naar Gers.
Terug naar de piste. Vanaf hier geen vergezichten meer, maar bos. En natuurlijk les cascades, dat ‘watervallen’ betekent en waar de piste naar is vernoemd. Het water hangt als een ijssculptuur tegen de wanden. Eindpunt is Sixt-Fer-à-Cheval, dat tot de mooiste dorpen van Frankrijk hoort. Het is een verzameling van kleine gehuchtjes zoals Le Fay, Passy en Le Mont, met gevels van oude stenen en verweerd hout.
Het vertrekpunt op 3340 meter hoogte is duizelingwekkend. Gelegen boven het bergstation van de Schwarze Schneidlift ligt een houten platform met 360 graden zicht, in het zuiden zie je de Italiaanse Dolomieten en in het noorden de Zugspitze, Duitslands hoogste berg.

Schwarze Schneid in Sölden in Oostenrijk – Foto: Shutterstock
Het platform is een van de drie markeringen van de befaamde BIG 3 Rally, een dagtocht voor kilometervreters. De dalafdaling vanaf deze plek wordt vaak vergeten, terwijl die met een lengte van 15 kilometer tot de absolute toppers van de Alpen hoort.
Hoewel er halverwege een stukje rode (moeilijke) piste in het traject zit, is de afdaling voor iedereen die de blauwe piste beheerst goed te doen. Het begint ontspannen, over de Rettenbachgletsjer. Rustig de ski’s op hun kanten zetten, kleine bochtenmaken, gevolgd door langgerekte bochten met meer snelheid.
Daarna duikt de piste het Rettenbachtal in. Via het bos en de alpenweides komt wintersportdorp Söldenweer in zicht. Met de finish op 1370meter, bijna 2000 meter lager dan het vertrekpunt.
De Grasjoch Bahn brengt skiërs vanuit St. Gallenkirch naar de 2430 meter hoge Alpilagrat. Dat is het hoogste punt van het skigebied Silvretta Montafon en vertrekpunt van de Hochjoch Totale, een 12 kilometer lange afdaling over blauwe en rode pistes. Goed voor een hoogteverschil van 1700meter.
Het Montafon is onder Nederlanders een minder druk bezochte regio met vijf skigebieden, waarvan Silvretta Montafon met 140 kilometer piste de grootste is. Het is er sneeuwzeker, landschappelijk ongerept fraai en relatief rustig. Demeeste dorpen hebben nog hun oorspronkelijke karakter.
De Hochjoch Totale begint met uitzicht op Oostenrijk, Zwitserland en Italië. De blauwe pistes aan het begin zijn ideaal om de spieren los te gooien, waarna je door de langste skitunnel van Europa gaat met een lengte van 470 meter.
Aan de andere kant wacht een prachtig panorama en liggen heerlijke pistes. De route is niet gecompliceerd, maar wintersporters die een rode afdaling spannend vinden, krijgen het op het onderste deel van de afdaling moeilijk. Met veel meters in de benen gaat de techniek lijden onder de vermoeidheid. Een pittige piste wordt dan bijna onneembaar.
Overweeg een zonsopgangtocht te boeken, die wordt op woensdag gehouden. Met een vooraf geboekt ticket mag je ’s ochtends om half 8 als eerste naar boven. Even een kop thee drinken en daarna in je eigen tempo afdalen over de vers geprepareerde pistesmet de opkomende zon boven de bergtoppen.
Voor de gemiddelde vakantieskiër behoort deze afdaling tot de mooiste uitdagingen van de Alpen. Alleen al de weg naar het vertrekpunt is een avontuur. Een reeks aan skiliften brengt je naar de top van het Matterhorn Ski Paradise, een van ’s werelds spectaculairste skigebieden, met 360 kilometers piste.

Matterhorn Ski Paradise, Zwitserland – Foto: Shutterstock
Op een hoogte van 3883 meter word je omringd door bergtoppen als deMonte Rosa (4634 m), Lyskamm( 4527 m), Breithorn (4164 m) en natuurlijk de Matterhorn (4478 m). Je kunt aan de Italiaanse of Zwitserse kant afdalen. Omdat het ons om kilometers en maximaal hoogteverschil gaat, wordt het de Zwitserse kant, daar ligt het eindpunt zo’n 400 meter lager. Het bovenste deel biedt zicht op de Matterhorn – of Cervino zoals de Italianen hem noemen. De voornamelijk rode pistes gaan door een gevarieerd landschap. Van dramatisch hooggebergte tot lieflijk Heidi-decor met houten hutten, koebellen enwandelpaden.
Eenmaal beneden heb je, afhankelijk van de gekozen route, 17 tot 25 kilometer afgelegd. Hoogteverschil: 2263 meter. Ski’s uit, schoenen los en op zoek naar een terras in de zon.
De Marmolada ismet 3343 meter de hoogste top van de Dolomieten. Deze piek is niet met een skilift te bereiken, maar de nabije Punta Rocca (3265 m) wel. Uitkijkend over de bergen is het nauwelijks voor te stellen dat dit miljoenen jaren geleden een tropische zee was met lagunes, eilandjes en palmbomen.
De Dolomieten zijn grillig, scherp, steil en weergaloos rood bij zonsondergang. En de afdaling vanaf de Punta Rocca, die de naamBellunese draagt, voert daar door die bergketen heen. De route is geschikt voor alle skiërs die de rode piste beheersen. Het is vooral genieten van de brede, goed geprepareerde banen. Met rechts de rotswanden op grijpafstand en links het vergezicht op het Sella-massief, nog zo’n topper in de Dolomieten.
De afdaling begint op de gletsjer, vlakt daarna wat af, duikt vervolgens omlaag en gaat uiteindelijk het bos in. De vergezichten maken plaats voor de intieme wereld van alpenweidesmet vriendelijke pistes.
Wie na 12 kilometer het eindpunt op de Malga Ciapela (1446m) aantikt, heeft ruim 1900 hoogtemeters in de benen. Daarna is een lange Italiaanse lunch dik verdiend. Met een beetje geluk kan dat in de zon, want de Dolomieten behoren tot de wintersportgebieden met de grootste kans op mooi weer.
Door: Hans Avontuur