Het westen van Ierland: prachtige kustlijnen en mystieke bergen
In het westen van Ierland is de natuur de baas. Prachtige kustlijnen, lieflijke heuvels en zeewier domineren de dunbevolkte Atlantische kust bij Sligo
In het westen van Ierland is de natuur de baas. Prachtige kustlijnen, lieflijke heuvels en zeewier domineren de dunbevolkte Atlantische kust bij Sligo
De zee geeft en de zee neemt. Maar hier in Ierland geeft de zee vooral, zegt Marc Torrades, ontspannen jagend op zeewier in het lage zeewater. Torrades, gehuld in een niet al te sexy gele regenjas, fungeert als gids tijdens een seaweed safari. Hij is de juiste man op de juiste plek, want, zo schildert de zeeboer met een weids armgebaar, hij pacht met zijn eenmansbedrijf Seashoreveg Limited dit stuk van de rijkelijk gevulde Atlantische Oceaan.
Gewapend met een mes fileert en etaleert hij al het lekkers wat hier in zee groeit, en dat is nogal wat. Volgens Torrades, Fransman van geboorte maar al ruim twintig jaar blije import-Ier, bestaan er honderden soorten zeewieren. Die groeien hier niet allemaal, maar met de soortenrijkdom zit het wel goed, aan de kust bij Aughris Head. Het vissersdorp ligt vlakbij Sligo, de hoofdstad van het gelijknamige graafschap én zelfbenoemde ‘zeewierhoofdstad van Ierland’ (seaweed capital of Ireland).
Zeegroenten, zoals wier, mogen zich verheugen in een groeiende belangstelling, en daar is Torrades beroepsmatig uiteraard blij mee. Het is ook meer dan terecht, die hernieuwde belangstelling, vindt hij. Hernieuwd, want continentale bezoekers aan Ierland mogen dan doen of de jacht op zeewieren iets nieuws is, in Ierland en Azië kennen ze de weldaden al honderden jaren. En de Ieren gebruiken de wieren al eeuwenlang niet alleen als voedselbron, maar ook als medicijn en, in vroeger tijden, als offer aan de goden.
Terwijl hij snijdt en trekt, vervolgt Torrades zijn lofzang op het plantaardig voedsel dat de zee geeft. ,,Wieren zitten boordevol antioxidanten en eiwitten en ze worden makkelijk opgenomen door je maag, je krijgt er geen last van.” Wat heet, zeespaghetti, zeekraal, darmwieren, zeesla, lamsoor en de superalg nori (purperwier, bekend van sushi) zouden in veel gevallen cholesterol- en bloeddrukverlagend zijn en helpen tegen zo’n beetje alle kwalen die je kunt bedenken, variërend van artritis en zenuwaandoeningen tot blaasontsteking.
Hier aan zee zijn al die claims lastig te verifiëren. Wél wordt duidelijk dat tijdens de praktijksessie van Torrades, die behendig van steen naar steen hopst, dat handmatig oogsten niet in een uurtje te leren is. Zelf snijden kan, maar Torrades corrigeert direct (‘niet helemaal onderaan, het onderste deel is te hard’, ‘deze bladeren zijn in deze tijd gewoon niet lekker’) en maakt duidelijk dat je eerst kennis moet opdoen. Nog los van de vragen hoe lang je ze straks moet koken en bij welke gerechten ze goed passen.
Even verderop zijn twee andere mensen – ogenschijnlijk toeristen – zonder gids in de weer met een mes en schaar. De suggestie dat zulke indringers van zijn perceel moeten worden verjaagd, verwerpt Torrades. En niet alleen omdat hij een vredelievend mens is. ,,Ik ben hier dagelijks bezig. En elke dag is er genoeg bij elkaar te snijden, het groeit extreem snel. Er is hier voorlopig genoeg voor iedereen.”
‘Het groene goud’ doet het hier volgens Torrades zo goed doordat het water heel schoon is. ,,Aan de Ierse westkust leven weinig mensen en er is geen industrie. En de watertemperatuur is goed. Zeewieren kunnen overal groeien, maar qua klimaat hebben wij het gewoon erg getroffen.”
Als het allemaal zo supergezond is en voor het oprapen ligt, waarom wordt hier dan niet massaal gesneden? Torrades resoluut: ,,Dat is de geur: het stinkt hier bij eb. Maar het is heel schoon hoor. Thuis goed afspoelen en je kunt ermee aan de slag.”
Aan land zijn andere Ieren er ook mee aan de slag gegaan. Bijvoorbeeld bij Voya Seaweed Baths in het kustplaatsje Strandhill. Je kunt je er onder meer laten onderdompelen in een (stoom)bad van zeewier. Ook hier worden uiteraard de positieve eigenschappen van zeewier (ontgiftend, ontspannend, huidvernieuwend) bezongen. Een internationaal gezelschap neemt de proef op de som, de ene helft met een seaweed bath, de andere helft laat zich inpakken met een body wrap van zeewier. Algemene teneur na afloop: ja, het is heerlijk ontspannend. En mwah, de reacties op de geur zijn wisselend. En nee, een uurtje badderen is niet genoeg om subiet alle vouwen uit je kop te krijgen. ,,Misschien moet het zeewier nog een beetje intrekken”, houdt de Duitse veertiger Martin de moed erin. ,,Ik zal morgen nog eens goed in de spiegel kijken”, zegt hij, nog nadampend.
Eerst maar eens even naar Sligo. Met 18.000 inwoners niet bepaald een metropool, wél de magneet van de streek. De culturele aantrekkingskracht komt voor een deel doordat Sligo bijna synoniem is aan William Butler Yeats, die graag en vaak over deze streek schreef. De Ierse dichter en toneelschrijver, winnaar van de Nobelprijs voor literatuur in 1923, is overal terug te zien in de stad: gedichten sieren de straten en menukaarten, zijn standbeeld staat te shinen in Stephen Street en de streek staat ook bekend als Yeats Country.
Een béétje cultuurliefhebber doet er een schepje bovenop met een heuse Yeats-lunch of -avond voor groepen, in het dorpje Tobernalt ook bekend vanwege z’n ‘heilige bron’ net buiten de stad. Op een locatie met formidabel uitzicht over Lough Gill vertelt eigenaar Damien Brennan over het leven en werk van de geliefde Ierse dichter, terwijl zijn partner Paula de heerlijkste gerechten zeewier ontbreekt hier, of is goed verstopt op tafel zet. Aan tafel declameert Brennan vol vuur WB Yeats-gedichten, die vooral bij de niet-Britten in het gezelschap nog een extra denkrimpel opleveren. Ook bij oosterbuur Martin, die, ondanks zijn bekentenis dat hij bij sommige gedichten ‘keine Ahnung’ heeft, de sfeer én de heerlijke maaltijd roemt: zelfs hij beleeft een topavond.
Sligo mag dan een leuk stadje zijn, met zo’n spectaculaire kustlijn in de achtertuin ligt het vertier toch vooral erbuiten. De provinciehoofdstad ligt aan de Surf Coast van de Wild Atlantic Way, een soort ketting langs de westkust en een walhalla voor wandelaars, fietsers, surfers en andere buitenlui. Hoe wild je de Wild Atlantic Way wilt hebben, kun je overigens zelf bepalen, want naast wilde sporten als surfen, kanoën en duiken worden ook bezoekjes aan vogeleiland Inishmurray Island en stokoude pubs als hoogtepunten van de route genoemd.
Een verplichte stop in County Sligo is Carrowmore Megalithic Cemetery, een weidse variant op ‘onze’ hunebedden. Je waait er uit je hemd, maar dan heb je ook wat: de oudste van de vier grote megalietbegraafplaatsen in Ierland barst van de sterke verhalen. Laat je op een begeleide tour van een uur bijpraten over dolmens en steenkringen uit de jonge steentijd. Een tijd waarin, zo bestaat het vermoeden, de oorspronkelijke bewoners mogelijk werden verdrongen door een nieuw, zeevarend volk met andere, gebruiken, zoals het meegeven van schatten aan de doden.
Het plateau van de Carrowmore-begraafplaats wordt omringd door heuvels, die allemaal bijdragen aan de mystiek van deze plek. Zo wil de overlevering dat koningin Maeve bovenop in de heuvelformatie Knocknarea (steen naar boven meenemen, dat brengt geluk…) ligt begraven.
Aan de noordkant ligt een nog markantere platte puist: Benbulben. Wat de Tafelberg is voor Zuid-Afrika, is Benbulben (in bescheidener omvang, want ‘slechts’ 526 meter hoog) voor deze streek. Het is weer zo’n plek waar de Ierse verhalenvertellers zich kunnen uitleven, bijvoorbeeld met de Keltische mythe van overspelige Grainne en haar geliefde Diarmuid. Jagend rond Benbulben bloedde de arme Diarmuid dood door toedoen van een beer en de weigering van Diarmuids rivaliserende achtervolger Fionn om hem te helpen. Of de botten van Grainne en Diarmuid nog op de Benbulben liggen? ,,Ga maar kijken”, luidt het advies; prachtig uitzicht en piepende longen gegarandeerd.
Na zo veel bloeddorst is het tijd voor iets gezelligers. Sligo herbergt voor zo’n bescheiden stad met uitbundig geverfde winkelpuien relatief veel pubs en restaurants, vaak met min of meer dezelfde filosofie: we don’t do fast food, we do good food as fast as we can.
Eenmaal binnen bij muziekpub McGarrigles constateert Duitse reisgenoot Martin dat hij best gelooft in de food- en zeewierweldaden van deze streek, behalve het anti-rimpelgedeelte. Hij wijst op de – nog immer aanwezige – kreukelzones in zijn gezicht. Intussen nipt hij tevreden van een flinke pint Guinness. ,,Ik kom hier ooit terug. En dan serveren ze waarschijnlijk zeewierbier.”
Vanaf Amsterdam en Eindhoven gaan directe vluchten naar Belfast, Cork en Dublin. Retours Amsterdam-Dublin of Eindhoven-Dublin met Ryanair zijn er vanaf €45. Vanaf Dublin is het nog drie uur met de trein naar Sligo. Of huur een auto. Vanuit Sligo rijden ook bussen naar de beschreven plekken.
Een prima optie is het Riverside Hotel, in het centrum van Sligo. De meeste kamers kijken uit op de rivier de Garavogue. 2pk vanaf €119. Het enige viersterrenhotel in Sligo is The Glasshouse Hotel. 2pk met rivierzicht vanaf €115.
Northwest Adventure Tours biedt activiteiten met lokale gidsen, waaronder fietstrips, wandeltochten, stand up paddling, running safari’s en mountainbiketours, vaak vanuit standplaats Sligo naar Benbulben en Knocknarea.
Bezoek Lissadell House (11 km ten noorden van Sligo), een prachtig landhuis met een rijke historie, wisselende exposities en een bezoekerscentrum. Lissadell House is ‘uiteraard’ ook een plek waar schrijver W.B. Yeats graag verbleef.
Dit artikel werd geschreven door Leo van Marrewijk