Het mediterrane eiland heeft in de loop der eeuwen heel wat ‘volk’ over de vloer gehad. Grieken, Romeinen, Byzantijnen, Arabieren, Normandiërs en Spanjaarden: allen lieten ze hun sporen na op het Italiaanse eiland. Net als vulkaan Etna. Juist die verscheidenheid maakt Sicilië tot een interessante reisbestemming.
Aan de kust
Het leven op Sicilië vindt vooral plaats aan de kust. Hier vind je de grotere steden zoals Palermo, Catania en Syracuse, en allerlei kleinere plaatsen. Sicilië wordt vaak in één adem genoemd met de maffia en dat is niet zo verwonderlijk: dit eiland is de bakermat van deze vorm van georganiseerde misdaad. Gelukkig heb je daar als reiziger geen bemoeienis mee. En al helemaal geen tijd voor: er is te veel te zien, te doen en te ervaren op Sicilië.

Strand op Sicilië – Foto: Shutterstock
Het hectische en temperamentvolle Palermo met zijn kathedraal en kubusvormige kasteel, bijvoorbeeld. Of Syracuse, aan de oostkant van het eiland, ooit een belangrijke Griekse nederzetting waar een Grieks theater en een tempel nog overblijfselen van zijn. Ten noorden van Syracuse ligt Catania; levendig, cultureel, gezellig en sfeervol met terrassen, steegjes en een haventje. Deze eeuwenoude stad ligt letterlijk onder de rook van de Etna.
Groen goud
De Etna is overigens nog steeds actief en stoot regelmatig as, rook en lava uit. Toch is een tripje naar de krater een absolute must. Als je via de noord- en oosthelling gaat, zie je hoe vruchtbaar het hier is: er zijn veel bossen, olijfboomgaarden en druivenranken. In het dorpje Bronte staan overal pistachebomen en volgens kenners komen hier de allerlekkerste pistachenoten vandaan: het ‘groene goud van de Etna’. Geen wonder dus dat je deze noten in de smaakvolle Siciliaanse keuken vaak tegenkomt.
Liefhebbers van kunst, cultuur, natuur, historie, architectuur en lekker eten krijgen het druk op Sicilië. Voor wie het liever even iets rustiger aan doet: Sicilië heeft ook stranden en rotsachtige kusten waar je kunt bijkomen van alle indrukken.
Door: Sybylle Kroon