Ga naar boven

Normandië verveelt nooit

De Albasten Kust, dan Le Havre, complexe stad. Vervolgens de Bloemenkust. Van oost naar west langs Het Kanaal: Normandië, stukje Frankrijk dat nooit verveelt.

Côte d’Albâtre Fécamp – Étretat

Op de Quai de la Vicomte in het Normandische havenstadje Fécamp leunt een man met een wandelstok. Hij heeft weinig te doen. Bij alle warmte draagt hij trui, jack en sjaal. ,,U bent op doorreis?” vraagt hij. ,,Hier mag u het Palais Bénédictine niet missen, vijf minuten.” Hij wijst gebiedend met de stok. Het blijkt een paleis annex historisch museum annex distilleerderij (1888) te zijn, een mix van neogotiek, neoclassicisme en neorenaissance. Een combi van zulke laat-19de-eeuwse stijlen heet ‘eclectisch’. Het fraaie bouwwerk maakt een arrogante indruk, te ijdel en eclectisch voor die paar puffende toeristen.

Benedictine

Hier bereiden ze Bénédictine, een zwaar alcoholische kruidendrank. In de kelderruimte met rijen enorme koperen ketels blijft het aangenaam koel. De vrouw die de rondleiding geeft, heeft de tactiek van alle bevlogen rondleiders in de wereld: ze doet of de gasten speciaal voor haar bezienswaardigheid hierheen zijn gereisd. Ze benadrukt herhaaldelijk dat het recept geheim is, echt! Geheim!

De gasten knikken. Begin 16de eeuw stelde een monnik het samen, een weelderig mengsel van 27 ingrediënten. Het resultaat van tijdrovende procédés was een elixer, een magisch, geneeskrachtig drankje dat vooral aan het toenmalige koninklijk hof populair werd. Handig: je drinkt het om de wonderbare werking, intussen glijdt alcohol de aderen in.

Pas vanaf 1863 heette het ‘likeur’ en toen begon het enorme commerciële succes. Proeven hoort erbij in zo’n distilleerderij. Uit de bruine fles druipt een stroperig aftreksel met kruidig aroma. Het smaakt, ja… weelderig.

Côte d’Albâtre

Buiten is het middaglicht helder en hard. Fécamp ligt aan de Côte d’Albâtre, de 160 kilometer lange Normandische kust tussen Le Havre en Dieppe. De ruige Albasten Kust staat bekend om de loodrechte krijtwanden en falaises, kliffen. Het marmerachtige kalkgesteente waaruit die kliffen bestaan heet albast. De Franse en de Engelse kust aan de overkant van Het Kanaal moeten ooit aan elkaar hebben vastgezeten; wie weet, als je ze naar elkaar schuift, dat ze dan naadloos in elkaar passen.

De man met de wandelstok staat nog steeds op de Quai de la Vicomte, met de rug naar de kleine haven. De mooiste falaises? Hij wijst naar de rotsen die het stadje flankeren. Ga naar het dorpje Yport bedoelt hij. ,,Of nee, verder, naar Étretat. Daar heb je L’Aiguille en La Porte d’Aval. Merveilleux.”

Afgronden

Kustdorp Étretat, 16 kilometer naar het westen, ligt bevallig aan een baai, aan weerszijden beschut door krijtwitte wanden. Het groene binnenland houdt abrupt op aan de rand van de witte afgronden. Aan de westkant prijkt de Porte d’Aval, een grillige boog, uitgesleten door de zee. Ernaast, los in de branding, steekt al eeuwenlang l’Aiguille (de Naald) omhoog.

Op de boulevard scheren meeuwen zo groot als kippen vlak langs de hoofden van wandelaars. Een pad leidt langs de rand van het groen schuin naar boven, richting de top van de klif, met rechts de steeds diepere afgrond naar het zeewater. Op het hoogste punt kijkt een pluk mensen plus de begeleidende troep meeuwen – die het gezelschap kennelijk gezellig vinden – uit op de baai, de boog, de naald en het dorp. Daar worden ze stil van.

Le Havre

Onvoorbereid de havenstad Le Havre binnenrijden, dat is schrikken. Wat is dit? Louter betonnen blokken, wijd uit elkaar, eenvormige gevels, identieke balkonnetjes. Op een centraal plein staat een soort kernreactor, een rond, wit gevaarte, in contrast met de strakke regelmaat rondom. Elders een toren die in dezelfde hoekige betonstijl is opgetrokken als de flats: la Tour de l’Hotel de Ville.

Le Havre, Normandië - Foto Shutterstock

Le Havre, Normandië – Foto Shutterstock

Stalingrad aan Zee

Bijnaam van Le Havre: Stalingrad aan Zee (mede omdat de communistische partij er van oudsher sterk was) – toch is dit stadsgezicht Unesco-Werelderfgoed. En je moet beter kijken voor je een oordeel velt. Dit is namelijk de avant-gardistische ‘ideale stad’ die architect Auguste Perret bouwde vanaf 1945. In 1944 hadden Amerikaanse vliegtuigen van 5 tot 12 september 5.000 ton bommen en 200.000 ton fosfor laten vallen op Le Havre. De historische binnenstad en diverse wijken werden weggevaagd, ruim drieduizend inwoners vonden de dood. De rest verbleef nog jaren in barakken.

Snelle wederopbouw was nodig. Perret (toen al 71) maakte er een alomvattend stedenbouwkundig project van. Hij zette geprefabriceerde bouwelementen in en de man was dol op gewapend beton. Alle flats kregen hetzelfde basisontwerp, van binnen en van buiten. De mensen moesten ruimte en licht hebben, vond hij, dus brede straten, hoge ramen, goed doordachte interieurs. Perret, die overleed in 1954, leidde een team van samenwerkende aannemers en designers.

Variatie

Le Havre leren waarderen? Neem een begeleider. Juliette schudt het hoofd als iemand oppert dat alles hier identiek is. ,,Zeker niet!” En ze wijst op de variaties: overal verschillen de tinten van het beton, van blauwig tot roze; zo ook de vormen van pilaren en balkons en het aantal verdiepingen van de flats. ,,Le Havre is als de Bolero van Ravel, als je goed kijkt zie je steeds meer details. De stad zwelt aan als een muziekstuk.”

De volgende ochtend is local Amanda, na een ontmoeting bij een vroege wandeling door het kaarsrechte stratenplan (dat Perret inspireerde op Amerikaanse steden), bereid haar gelijkvloerse appartement te laten zien. ,,Kijk, het licht reikt dwars door de kamers van achter naar voor, daarover is nagedacht. En deze pilaar staat er voor de sier. Mooi, maar je merkt dat het monsieur Perret in de jaren 40-50 vooral om snelheid en leefbaarheid ging, niet zo erg om duurzaamheid.” Ze laat vochtvlekken zien, gebarsten beton. Ondanks dat, woont ze fijn, zegt ze.

Opvallende objecten en locaties

De witte ‘kernreactor’, die ook wel iets heeft van een yoghurtbakje van Danone, blijkt theater en cultureel centrum Le Volcan te zijn, een ontwerp van de Braziliaan Oscar Niemeyer. En zo springen in Le Havre nog wel wat objecten en locaties in het oog. Kunstwerken, zoals bij de Docks Vauban in de haven: een zogenaamd gekapseisd zeilschip. Het ziet er dramatisch uit, de ironie is voelbaar. En de Catène de containers van kunstenaar Vincent Ganivet, ook aan de haven: twee sierlijke bogen die uit kleurige containers bestaan. Een ode aan de belangrijke rol van de stad als containerhaven.

Haven, ideale stad, strandbestemming van Parijzenaars (die in twee uur hiernaartoe sporen en de tram naar het kiezelstrand nemen), maar ook het woon- en werkterrein van schrijvers en schilders. De Promenade littéraire (literaire wandeling) leidt onder meer langs het parkje waar Jean-Paul Sartre zijn theorie van het existentialisme bedacht zou hebben. Claude Monet schilderde in 1872 in de haven zijn Impression, soleil levant dat het impressionisme inluidde. Het schilderij hangt nu in Musée Marmottan Monet in Parijs.

Le Havre, complexe stad, het duizelt de reiziger. Tijd om de Seine over te steken.

Côte Fleurie, Honfleur – Trouville

Wat een contrast, aan de overkant van de riviermonding: Honfleur! Een iconisch haventje – Le Vieux Bassin – met ernaast smalle gevels die uit leien bestaan, in vervlogen eeuwen opgetrokken, gespaard door de Amerikaanse ‘bommenwerpers. In drommen trekken de toeristen erlangs; een kwart van hen houdt het hoofd gebogen naar een smartphonescherm, anderen maken selfies.

Heel anders is het in het geboortehuis van pianist en componist Erik Satie (1866-1925), waar maar een enkeling langs de panelen schuifelt en de multimediale voorstelling ‘beleeft’. Satie was de wegbereider van de elektronische muziek, zijn tijd vooruit, een briljante maar vereenzaamde zonderling die nooit iets deed zoals anderen het deden.

Toen tal van impressionisten in dit haventje hun meesterwerken schilderden, was het in Honfleur een stuk rustiger. Claude Monet maakte ook een impressie van de curieuze Sainte-Catherinekerk, waarvan de klokkentoren van het hoofdgebouw is gescheiden, een van de weinige houten kerken in Frankrijk. Er trouwen nu twee vrouwen; Aziatische toeristen kijken verbaasd toe.

Honfleur, Normandië - Foto Shutterstock

Honfleur, Normandië – Foto Shutterstock

Normandische keuken

Op het terras van Côté Resto schuift chef-kok Clémente aan. En vertelt over de Normandische keuken, met bijvoorbeeld Poulet Vallée d’Auge, kip met crème, cider en camembert. ,,Typisch de lokale smaak. Veel crème, daar houden we van, niet te subtiel, het goede boerse leven. Dit is niet echt een land van wijn, wel van kaas, oesters en appeldranken: cider, calvados, pommeau.”

De Côte Fleurie, de Bloemenkust, loopt van Honfleur tot Ouistreham aan de monding van de Orne: de kust van het departement Calvados met zandstranden en kliffen. In het achterland wemelt het van de cider- en calvadosproducenten die altijd rondleidingen en proeverijen aanbieden. Op Manoir d’Apreval, vlakbij het kustdorp Pennedepie, liggen bergen appels klaar om collectief te veranderen in cider, en na twee keer distilleren en één tot vijf jaar rijpen in calvados (40-45 procent alcohol). Je moet vaak nippen om het verschil tussen de graden van rijping te proeven. Het echtpaar dat de onderneming leidt, schenkt bij tot je ‘hohoho’ zegt.

In Trouville-sur-Mer hangt een andere sfeer. Het is eb en in de drooggevallen haven aan de monding van de rivier de Touques hangen de vissersboten uit het lood: niet bedoeld als kunst, schilderachtig is het wel. Nog steeds varen elke dag 87 boten uit, om terug te keren met ladingen makreel, coquilles, oesters, die de vissers zelf verkopen op de gezellige lokale middagmarkt. Ze zijn in elk geval vers, die zeedieren; ze liggen voor de ogen van de voorbijgangers te creperen.

En verder

De volgende morgen – op zondag – kuieren wandelaars relaxed westwaarts over de kilometerlange Prom des Planches langs het brede zandstrand. Het plankier ligt er sinds 1876; het azabéhout, ongevoelig voor warmte en kou, komt uit Madagascar (en wordt elke 25 jaar vernieuwd). Links een rij hotels van rond 1900, vergane glorie, sommige zijn verlaten. In de verte het dak van het casino. En daar, verder, voorbij de riviermonding: Deauville, Blonville-sur-Mer, Ouistreham, Juno Beach, Omaha Beach… De kust van Normandië, waar het nooit verveelt.

Uit & thuis Normandië

  • Met de Thalys naar Paris Gare du Nord (ruim drie uur vanaf Amsterdam); vanaf Paris St. Lazare gaat het met de Intercités in circa twee uur naar Le Havre. De stad ligt op 6 uur autorijden van Utrecht (560 km).
  • Goede eettent in Le Havre: Bistrot des Halles, Place des Halles 7.
  • Fijn restaurant met terras in Honfleur: Côté Resto, Place Sainte- Catherine 8.
  • De beroemde vismarkt van Honfleur: Boulevard Fernand Moureaux. Voor vishapjes: Rue des Ecores (parallel aan de boulevard).

Dit artikel werd geschreven door Egbert Jan Riethof.

Geplaatst op: 26 februari 2018
Geplaatst door: Sanne Dijkstra
Deze pagina delen:
Deze pagina delen: