Een sterk staaltje Duitse industrie in het Ruhrgebied
De ene na de andere hoogoven en steenkolenmijn sluit in het Duitse Ruhrgebied. En dat is goed nieuws. Beklim de industriële iconen en zie het landschap veranderen.
De ene na de andere hoogoven en steenkolenmijn sluit in het Duitse Ruhrgebied. En dat is goed nieuws. Beklim de industriële iconen en zie het landschap veranderen.
Hier word je nog vies, staat op het waarschuwingsbord bij de ingang van het Landschaftspark in Duisburg. Geen overbodige tekst, zo bewijst een stoere tiener, gestoken in een leren jack van zijn scooter-club. Met zijn vrienden klimt hij naar het hoogste punt op 70 meter: Hoogoven 5. Zijn jack schuurt langs de muur, in zijn poging zo ver mogelijk van de afgrond te blijven.
Als zijn vrienden vol bravoure op de trap springen, murmelt hij zachtjes: ,,Niet doen, ik ben echt bang.’’ Halverwege geeft hij het op. Zijn hoogtevrees is sterker dan zijn wil stoer te zijn. ,,Ich schaffen es nicht’’, klinkt het bedeesd. Hij redt het niet. Terwijl zijn vrienden bovenin een langdurige fotosessie beleggen, wacht hij in het binnenste van de hoogoven op de verlossende tocht naar beneden.

Landschaftspark Duisburg-Nord, in het Ruhrgebied – Foto: Peeradontax / Shutterstock
De top van de oude hoogoven is het hoogtepunt van de voormalige staalfabriek Thyssen-Eisenwerk, gelegen aan de rand van Duisburg. Wie bovenop staat, ziet in de verte de rook uit de schoorstenen komen van de fabrieken die nog wel in bedrijf zijn. Het is het bekende panorama van het Ruhrgebied, dat nog altijd kampt met het imago van smerigheid, zwarte wolken, stank en stof. Verstopt tussen de bedrijvigheid liggen in het groen de resten van de oude ijzerindustrie.
De heuvels die zijn opgeworpen uit het puin en afval van de mijnbouw zijn verrassende bestemmingen. Het ooit lawaaiige hart van Duisburg-Noord is veranderd in een wondere wereld van verroest staal en grijs ijzer, waar bezoekers dag en nacht mogen ronddwalen.
Dat de oude hoogoven nog bestaat is te danken aan de omwonenden. De staalcrisis van 1974, waarbij de productie met een derde daalde, raakte de fabriek in Duisburg hard. Twee hoogovens waren al afgebroken toen de laatste op 4 april 1985 uitging. Protest was er amper; de meeste werknemers konden elders aan de slag. Maar wat te doen met het enorme terrein vol installaties, die jarenlang het panorama bepaalden van dit deel van de stad? Er gingen stemmen op voor afbraak, buis voor buis, om de onderdelen elders opnieuw te gebruiken of te verkopen aan het buitenland.
,,Veel inwoners wilden dit complex behouden’’, zegt de lokale journaliste Fabienne Piepiora. ,,Mensen die hier altijd al werkten. Ze voelen zich verbonden met de hoogoven.’’ Het wonder geschiedde: architecten bedachten een nieuwe toekomst voor het complex dat inmiddels is uitgegroeid tot de grootste attractie van Duisburg.
De plek waar geld verdienen met ijzer maken ooit het enige doel was, toont nu schoonheid los van de functie. De steile spoorhelling waarover karretjes het ijzererts naar boven voerden; de roestige pijpen, buizen, wielen, kranen. En dat midden in het groen. Een walhalla voor fotografen.
Een wirwar aan paden – veelal oude sporen – nodigt uit om te dwalen. Wie wil kan zonder gids Hoogoven 5 beklimmen en onderweg stoppen op de verschillende etages. Grote infoborden leggen de werking uit van de oven, tegenwoordig een mysterieus gevaarte.

Landschaftspark Duisburg-Nord bij nacht – Foto: Shutterstock
In het weekeinde is het een aanrader tot ’s avonds te blijven, wanneer een installatie van kunstenaar Jonathan Park de fabriek sprookjesachtig verlicht. Je kunt ook mee met een gids, voor een tour achter de schermen en om meer te weten te komen over de vaak zware werkomstandigheden. Als het donker is zijn er rondleidingen met een fakkel in de hand. Ook zijn er tours voor kinderen.
,,Dit is geen park om je kleedje in het gras te leggen en te picknicken, maar wel een park vol avontuur’’, zegt Fabienne Piepiora, die recentelijk een reisgids uitbracht: Duisburg Erleben, met Geheimtips. Zo geheim is het Landschaftspark (met zijn 1,2 miljoen bezoekers per jaar) niet meer te noemen, maar het staat toch in haar boek. Want in Duisburg kun je niet om deze trekpleister heen. Dat komt niet alleen vanwege de kruip-door-sluip-door- route in de fabriek zelf. Het enorme terrein is geregeld het decor van filmvertoningen, concerten en markten. Je kunt hier klimmen of duiken in de oude Gasometer, de gashouder die vol water staat.
Het Landschaftspark Duisburg-Nord is de perfecte start van de Route der Industriekultur. Dit traject van 400 kilometer voert langs de ruggengraat van het Ruhrgebied, langs staal, ijzer en kolen. Langs mijnen en hoogovens, maar ook langs Halden: de puinbergen die in het landschap oprijzen. Van punt naar punt hoppen kan met de auto of het openbaar vervoer, maar het beste met de fiets. Er zijn speciale routes uitgezet, bij het Landschaftspark zijn fietsen te huur.
Langs de route vind je 25 mijlpalen, de absolute hoogtepunten. De beroemdste: Zeche Zollverein in Essen, die bekendstaat als de mooiste mijn van Europa, thans Unesco Werelderfgoed. Dit was ooit de grootste steenkolenmijn ter wereld, met ernaast een cokesfabriek.

Zeche Zollverein, prachtig verlicht als de avond valt – Foto: Shutterstock
Met de cokes die hiervandaan kwam werd bijvoorbeeld ijzererts in de hoogovens tot ijzer omgesmolten. Nu is het een terrein waar je kennismaakt met de geschiede- nis van de mijnbouw. De nieuwste mijlpaal is de sluiting van de laatste steenkolenmijnen in Ibben- Bürren en in Bottrop, eind dit jaar. Een historische gebeurtenis; ooit waren er 150 mijnen in het Ruhrgebied. Wat er in Bottrop terugkomt? Plannen genoeg: elektriciteitsopslag, nieuwe bedrijventerreinen, woningen. Essen heeft zo’n omslag al achter de rug. Het terrein is de hele dag open ter verkenning.
De Nederlandse architect Rem Koolhaas speelde een grote rol in de metamorfose van de oude kolenwasserij van de mijn naar een modern museum. Om te ontdekken hoe de mijn vroeger werkte kun je tours volgen die de reis van steenkool uitbeelden. Waar vroeger de kolen op transportbanden werden vervoerd is nu de langste vrijstaande roltrap van Duitsland gebouwd, in een schacht aan de buitenkant. Een tocht van 90 seconden brengt je 24 meter omhoog.
De Route der Industriekultur biedt nog meer. Neem de lift naar de top van de Gasometer in Oberhausen – waar altijd expo’s zijn – om te genieten van het uitzicht op 117 meter hoogte. De gashouder is het enige overblijfsel van de hoogoven die hier stond. Op de rest van het terrein is winkelwalhalla CentrO gebouwd: 125.000 vierkante meter winkeloppervlak.

Op het dak van de Gasometer in Oberhausen – Foto: Shutterstock
De Halden veranderden het landschap voorgoed, ze steken overal bovenuit. In Bottrop heb je het Alpincenter waar je binnen kunt skiën en buiten van de berg kunt rodelen. Hoogteverschil 80 meter. Bij een heuvel verderop in Bottrop staat de Tetraeder, een uitkijktoren gebaseerd op een wiskundig viervlak. Wie durft klimt naar 60 meter hoogte. Naar beneden kijken kan door de rasters … als je geen hoogtevrees hebt. Wat ook geldt voor Tiger and Turtle-Magic Mountain in Duisburg. Het kunstwerk van Heike Mutter en Ulrich Genth lijkt op een achtbaan, maar dan eentje waarop je kunt wandelen. Alleen niet op de lus in het midden. Daar wint de zwaartekracht gegarandeerd.
Zie ook: www.landschaftspark.de; www.route-industriekultur.ruhr; www.nrwvakantie.nl/industrieecultuur.
Door: Adrianne de Koning