Ga naar boven

Zes fietsvrouwen en hun mannen in Denemarken

Tot verbazing van velen – zij herinneren zich vooral de kou en de regen – is het fietsen in Denemarken ons vorig jaar zo goed bevallen dat we nog een keer gaan. Hetzelfde land maar verder is werkelijk alles anders: de groep, de maand, de route, maar vooral het weer.

Twee leden van de groep van vorig jaar moesten zich met spijt afmelden maar de vrijgekomen plaatsen blijken moeiteloos op te vullen door twee andere vrouwen. Twee mannen die ook wel mee willen nemen we tegen zichzelf in bescherming.

Dag 1 – 23 juni

We rijden in duo’s naar Viborg, een stadje midden in Denemarken, Jutland. Iedere auto heeft twee fietsen achterop. In onze wagen voltrekt zich een ramp wanneer mijn reisgenoot een appje van mijn man krijgt: ik blijk mijn telefoon te zijn vergeten! Zo hee, hoe stom kun je zijn. De gedachten voltrekken zich in de volgende stadia: paniek, boosheid om mijn eigen stupiditeit, berusting, realiseren welke consequenties dit heeft en daarna kan ik er eigenlijk wel om lachen.

Kan ik als telefoonfreak zonder zo’n ding? Het antwoord volgt enkele dagen later wanneer ik tevreden constateer dat niemand iets belangrijks is vergeten! ,,O? En je telefoon dan?’’, zegt een van de vrouwen. O ja! Dankzij het af en toe gebruiken van de mobiel van een van de anderen is dat leed dus heel goed te overzien.

Viborg, Denemarken - Foto: Shutterstock

Viborg, Denemarken – Foto: Shutterstock

Rond half vijf zijn we allemaal op de camping in Viborg. De overbuurman helpt ons met een te strakke spanband. Het is koud (16 graden), het waait hard. We beginnen met de vaste routine van tent opzetten en wijn drinken. De stemming zit er meteen in, dit komt helemaal goed.

Dag 2 – 82 km

De ‘routiniers’ onder ons hebben de anderen al gewaarschuwd: begin op tijd met inpakken van de tent. Het is echt flink doorpakken om om half negen aan het ontbijt te beginnen (zie kader links). Maar het lukt. Om half tien zijn we klaar om te vertrekken. Dan blijkt dat de rem van een van de fietsen aanloopt. En wel zo stevig dat rijden uitgesloten is. Na een uur van alles proberen zakt de moed ons in de schoenen. Het is zondag, er is geen fietsenmaker open. De fietseigenaresse vindt het vreselijk voor ons maar zoals een van de anderen het treffend verwoordt: een probleem van één is vanaf nu een probleem van ons allen. En zoals mijn tante altijd zei: brand is erger.

We moeten een campinggast om hulp vragen. Heel makkelijk en snel gaat het niet maar hij fikst het! Hij krijgt applaus en drie zoenen. We kunnen vertrekken! We beginnen met een spoorwegroute. Niet al te steil, geen auto’s, zo kunnen we wennen. Aan trappen en sturen met kilo’s weerstand, aan het fietsen in een groep. We leren de ‘jonkies’ de waarschuwingstekens en -termen.

Het is meteen een prachtige route. Veel zon, wat wind. Ondanks ons late vertrek fietsen we toch nog 82 kilometer. In Nybe komen we aan op een schitterend gelegen camping aan zee. We zetten onze tent op, drinken bier en wijn, gaan douchen en eten en worden daarna getrakteerd op een romantische zonsondergang. Om 23.15 uur gaan we zelf onder zeil.

Dag 3 – 62 km

We worden wakker met het mooiste uitzicht van de wereld. Toch moeten we inpakken en wegwezen. Het is heet: 33 graden Celsius. Wanneer iemand dat naar haar man appt wil hij ons niet geloven. ‘23 graden bedoel je?’ Nee: 33 graden, echt waar. We hebben wind, maar dit jaar duwt die ons. We fietsen door prachtige landerijen. In Aalborg dreigen we te verdwalen, steden zijn altijd lastig.

Aalborg, Denemarken - Foto: Shutterstock

Aalborg, Denemarken – Foto: Shutterstock

Een man die al een tijdje naast mij fietst en alles wil weten over onze fietsen, fietstassen, afkomst en het reisdoel schiet te hulp. ,,Fiets maar achter me aan, ik leid jullie de stad uit.’’ Zonder bepakking en kilometers in de benen snelt hij ons vooruit. Zijn enorm bruine kuiten verraden dat ook hij veel fietst. Uit alle macht proberen we hembij te houden.

Wanneer we net buiten de stad onze routenummers terugvinden besluiten we dat het tijd is afscheid van elkaar te nemen. Hij denkt daar anders over: ,,Nee, kom, we gaan nog een stukje verder, ik weet een mooiere route.’’ Wij blijven vasthouden en zuchtend geeft hij toe: ,,Tegen zes vrouwen kan ik niet op.’’ Goed gezien. No way.

Dan wil hij ons nog wat laten zien. Hij stapt van zijn fiets, doet resoluut zijn rugzak af en even ben ik bang dat hij zijn broek wil laten zakken. Hij verstaat dat niet, de rest wel. Hij zal hun lachbui niet begrijpen. Er komen gelukkig foto’s. Van zijn fiets, zijn bepakking, zijn reizen. Daarna nemen we eindelijk afscheid. Op de camping in Storvorde maken we een mooi kampementje.

Dag 4 – 63 km

We branden de tent uit. Deze tocht brengt ons grind en pittige heuvels, het is af en toe lekker uitdagend maar ook heel mooi. Uitpuffen moet echt in de schaduw. Na 50 kilometer fietsen moeten we beslissen: nog 15 of nog 45 verder. We zoeken campings aan de route en die liggen er niet om de 5 kilometer. Vanwege de hitte besluiten we na 63 kilometer te stoppen, aan het Randersfjord: Udbyhøj. Daar kunnen we eten in het restaurantje dat speciaal voor ons open gaat: fish and chips. Niet goed, wel heel gezellig.

We verkleuren intussen aardig en dat ziet er best gek uit. Bruine benen en armen, een rood gezicht maar een witte romp.

Dag 5 – 80 km

We beginnen de dag meteen met een lieflijk pontje. Fietsvrouw I. vindt dat we best voor de auto’s mogen gaan staan (die er helemaal niet zijn!) en vraagt ons vervolgens ruimte te maken voor de wagens die van de aankomende pont afrijden. Nul auto’s! Gevolg: de slappe lach. Voor de zoveelste keer deze week. Het is een pittige route met flinke heuvels die vooral lang zijn.

Strand bij Grenaa, Denemarken - Foto: Shutterstock

Strand bij Grenaa, Denemarken – Foto: Shutterstock

Op een camping net buiten Grenaa hebben we een leuk veldje. We krijgen veel aanspraak van mensen die dat best stoer vinden, zes fietsende vrouwen van zekere leeftijd in zo’n piepklein tentje. ,,Respect!’’, complimenteert een man die daarna zijn comfortabele maar lelijke caravan induikt.

Dag 6 – 95 km

Vandaag fietsen we langs de blauwe zee, we zien goudgele korenvelden, groene heuvels, strakblauwe lucht: geweldig mooi. Wel zwaar: soms fietsen we met moeite 7,5 kilometer per uur. En juist op een route waarop je dat echt niet zou willen, want kiezels en pittige hellingen, rijden we he-le-maal fout.

We komen zwoegend uit bij het jagerscentrum waarvoor we drie zware kwartieren eerder heerlijk onwetend hebben geluncht! Na 95 kilometer is de tank bij de meesten van ons aardig leeg. Op een camping buiten Aarhus komen we bij.

Dag 7 – 95 km

Een en al pracht, deze route. Bos-, zee-, grind- en asfaltpaden. Het landschap is hier zo verschrikkelijk mooi. We moeten er wel wat voor over hebben, heel makkelijk gaat het niet. Af en toe moet iemand afstappen omdat het te steil is. Lopen met zo’n zware fiets valt ook niet mee. Heb ik me laten vertellen.

In Lund dient zich opnieuw een voorfietser aan. Op zoek naar de supermarkt wijst hij ons de weg. Met boodschappen – eten, wijn en bier zijn best zwaar – gaan we op zoek naar de camping in Vestbirk maar die blijkt niet te vinden. Na 90 kilometer is dat toch vervelend.

Het wordt een gewoonte: we vragen een man op een racefiets en jawel! Het blijkt een plaatselijke gebruik: ook hij fietst voor ons uit. Hij fit, zonder bepakking en vol enthousiasme, wij moe en zwaar (de fietstassen hè). Met onze laatste krachten harken we 5 kilometer achter hem aan. Bier, douche en eten maken veel goed.

Lund, Denemarken - Foto: Shutterstock

Lund, Denemarken – Foto: Shutterstock

Dag 8 – 70 km

We eten ons middagbroodje langs het water in Silkeborg. Waar we aan de praat komen met een vriendelijk ouder echtpaar. Onderweg zijn mensen zeer belangstellend en bewonderend, en de lof oogsten wij graag. Op de kaart, we wijken even af van de route, vinden we een camping in Truust. We staan op een prachtig plekje aan het water en daar drinken we ’s avonds nog een wijntje op.

Dag 9 – 45 km

Het laatste stukje. Iets meer wind en wolken maar nog steeds prachtig weer. Het is een route over landwegen. Na een heerlijk lange afdaling moeten we onze weg zoeken. We kunnen ons routenummer niet vinden en 10 lange minuten vrezen we dat we die hele lange afdaling opnieuw moeten doen maar dan andersom. Dat is geen leuk vooruitzicht en dan druk ik me zachtjes uit. Er lijkt echter niets anders op te zitten. De moed zakt ons in de schoenen: dat wordt wel een heel eind klimmen.

Dan komt de bewoner van het huis waarvoor we staan thuis. De man, het zal ook eens niet, blijkt zeer behulpzaam. Hij legt uit dat het bordje dat we zoeken is weggehaald door jagers die niet willen dat fietsers hun ‘werkzaamheden’ verstoren. We moeten hier het bos in. Hoera! De opluchting is groot. Luid zingend (Want in het bos, daar zijn de ja-hagers) vervolgen we onze weg door ‘hun’ bos.

Bij een enorm meer, de Tange Sø, drinken we koffie. De stemming is opperbest. Tegen een uur of een komen we aan op de camping waarop een week eerder ons avontuur is begonnen. We douchen en lunchen met elkaar. En dan is het tijd voor afscheid. Na bijna 600 kilometer samen te hebben gefietst stappen we in de auto’s. We geven elkaar een kus en een dikke knuffel. Volgend jaar weer?

Bij thuiskomst ligt mijn telefoon klaar aan de oplader. Ik win mijn weddenschap met D.: ,,Jij hebt vast meer dan 500 appjes!’’ Het zijn er 409.

Ochtendritueel

Om 7 uur gaat de wekker, vakantie of niet. In pyjama/ nachthemd/T-shirt naar het washok: douchen, wielerkleding aantrekken. Terug bij de tent slaapmat laten leeglopen en slaapzak, matje, lakenzak en kussen oprollen en in veel te kleine zakjes duwen. Tent afbreken, opvouwen en in de fietstas doen. De rest van de spullen in de verschillende fietstassen proppen. Alles dicht proberen te krijgen. Oeps, die ene tas lukt niet. Alles eruit; opnieuw inpakken.

Je haasten naar de ontbijttafel, meestal de picknicktafel van de camping, en in de keuken water opzetten voor koffie, ook om in thermosflessen mee te nemen. Broodjes smeren voor onderweg, eieren koken, bananen verdelen. Samen eten en afwassen, die ontbijtboel ook weer in de tas proppen. Insmeren met zonnebrandmiddel, handschoentjes aan, o jee, waar is mijn fietssleutel ook alweer, nog even naar de wc en dan eindelijk – 2,5 uur later – kunnen we gaan. Als er tenminste niemand fietspech heeft.

Fietsen in Denemarken: routes

Denemarken beschikt over ruim 12.000 kilometer bewegwijzerde fietspaden. Hiervan is 4.000 kilometer verdeeld over 11 nationale fietsroutes. Deze routes verbinden diverse delen van Denemarken met elkaar, ze staan op fietskaarten aangegeven. De trajecten voeren langs de meeste grote steden, bezienswaardigheden en attracties. Daarbij wordt de natuur als een bijzonder grote attractie gerekend. Daarnaast is er ook nog een aantal Europese fietsroutes die Denemarken aandoen. De routes zijn duidelijk bebord.

Door: Gerda Denemarken

Geplaatst op: 3 september 2018
Geplaatst door: Sanne Dijkstra
Deze pagina delen:
Deze pagina delen: