Lekker naar Litouwen
Brede stranden, hipsters, bietensoep en barnsteen: maak kennis met Litouwen. Het land aan de Baltische Zee dat altijd als laatste wordt genoemd.
Brede stranden, hipsters, bietensoep en barnsteen: maak kennis met Litouwen. Het land aan de Baltische Zee dat altijd als laatste wordt genoemd.
Op een houten steiger bij het dorp Nida staart een jongen naar woestijnachtig niemandsland. De doek om zijn schouders heeft net zo’n vale kleur als het zand van de landtong waarop hij zich bevindt. Het gebied is 98 kilometer lang en nergens breder dan 3 kilometer. De jongen staat aan de Litouwse noordkant; de zuidkant van de landtong behoort tot Kaliningrad, onderdeel van Rusland. Een halfuurtje wandelen over het strand en hij staat in Russisch gebied.
De overgang tussen de twee landen ziet er op de landtong vriendelijk uit, maar langs de grens op het vasteland heeft Litouwen vorig jaar een 130 kilometer lang hek gebouwd, met geld van de Europese Unie. Het land laat hiermee zijn tanden zien: het wil onafhankelijk blijven, het laat zich niet bedreigen door de grote buurman.

De hoogste zandduinen van Europa, in de omgeving van Nida – Foto Shutterstock
In de vorige eeuw stond Litouwen onder Sovjetbewind, een periode waarover Litouwers nog vaak spreken. De tijd waarin hun kerken onwaardige functies kregen (opslag, sportzaal, werkplaats), de nationale geschiedenis werd verzwegen en etnische zuiveringen plaatsvonden. In 1990 ontdeed Litouwen zich van dat juk.
De jongen op de landtong slaat zijn doek wat beter om zijn schouders en wandelt naar het centrum van Nida, een dorp dat toeristische trekjes vertoont, vooral in de zomer als het hier zo’n 30 graden kan worden. In de omgeving liggen de hoogste zandduinen van Europa, aan de andere kant is het groen en bosrijk. Op het water dobberen waterfietsen, wachtend op mensen die ze willen huren. Nida Beach is zo’n ansichtkaartwaardig wit strand. Je zou het niet verwachten aan de Baltische Zee. Toch is het ook in het hoogseizoen hier relatief rustig, zeggen twee locals die op de kade op een bankje zitten.
De eettentjes in het dorp, sommige niet groter dan 15 vierkante meter, zien er vanbinnen uit als knusse, oubollige caravans met bloemengordijntjes, rood-wit geblokte tafelkleedjes met daarop grote bierpullen tot de rand gevuld – Litouwers zijn goede bierdrinkers. Op de menukaarten (ook in het Engels, Duits en Russisch) staan voornamelijk vleesgerechten met aardappel. Gekookte, gebakken of gepofte piepers, nooit zonder zure room. Lekker hartig: de aardappelpannenkoek (met spek, kaas en uiteraard zure room) of een grote aardappel met worst erin en de zure room erbovenop. Pakweg 3 euro per gerecht.
De serveerster neuriet zachtjes mee met de radio en zet kordaat twee grote kommen rodebietensoep (borsjt) op een tafeltje. De soep heeft het roze kleurtje van Fristi en de zachtzoetige smaak van biet en room. Wordt koud gegeten. Aan een tafeltje zit een Zwitsers stel dat bij het eerste bezoek aan Litouwen dacht: hier móéten we vaker heen. Dat is acht jaar geleden.
,,We komen elk jaar in Nida. We huren vaak een zeilbootje, elke keer met dezelfde gids, en gaan dan vogels kijken”, zegt Rico (69). Zijn vrouw knikt terwijl ze naar buiten kijkt. Een elektrisch kacheltje blaast wat warme lucht de ruimte in. ,,De mensen zijn zachtaardig en vriendelijk. En niet opdringerig. Als ik hier ben, hoef ik niets. Het lijkt alsof de tijd stilstaat. De plek heeft iets mysterieus, het lijkt totaal niet op de toeristische badplaatsen in de rest van Europa.”
Weinig mensen, veel water, hoge zandduinen en bossen. Als de Litouwers niets hadden gedaan om de erosie tegen te gaan, was dit gebied opgegeten door de wind en de soms woeste golven.
Hoe anders is de sfeer ruim 350 kilometer verderop, in de hoofdstad Vilnius, waar zakenmannen zich bellend haasten naar hun bestemming. Waar hipstermeisjes met kartonnen bekers koffie in hun hand door de straten flaneren. Waar toeristen met hun rolkoffertjes hun hotel zoeken, moeders met gevulde kinderzitjes fietsen en kromgebogen dametjes richting de kerk sjokken. Over Vilnius wordt gezegd dat je vanaf elk punt in de stad minstens drie kerken ziet. Bijna 80 procent van de bevolking is rooms-katholiek. De meer dan veertig kerken zijn de stabiele factor in de verder rommelige wirwar van architectonische stijlen.

Muurschildering in Vilnius, Litouwen – Foto meunierd / Shutterstock
Geen touw aan vast te knopen. Loop door een hoofdstraat en binnen een paar honderd meter kun je vier stijlen afvinken: gotisch, barok, renaissance en klassiek. Oud, maar niet vervallen. Met dank aan de overheid, die veel investeerde in de renovatie van de historische binnenstad.
Het religieuze middelpunt van Vilnius Old Town is de maagdelijk witte Stanislaus- en Ladislauskathedraal, die elk uur een langgerekte, plechtige díng-dóng over het ruime plein laat schallen. Zoals elke ochtend zit er ook vandaag een tiental mensen met in elkaar gevouwen handen; oudere dames en heren, in krakende houten banken.
Zit er een jongere, dan valt die direct op. Zoals de 34-jarige Ieva Klizentyte. ,,In de stad is rumoer, hier is het stil”, verklaart ze haar aanwezigheid. Haar gefluister echoot van pilaar naar pilaar. ,,Dit land wordt altijd als laatste genoemd in het rijtje met Estland en Letland”, zegt Klizentyte. ,,Dat komt doordat de mensen hier lange tijd leefden onder het motto: pray, don’t show.” Ze glimlacht, frunnikt aan haar oorbel. ,,Dat zijn we aan het leren, denk ik. We worden trotser.”
Misschien dat die groeiende trots emigratie naar West-Europa kan stoppen, wat goed zou zijn, want Litouwen loopt langzaam leeg. In 1991, nadat de onafhankelijkheid werd uitgeroepen, had het land 3,7 miljoen inwoners. Vorig jaar waren dat er nog 2,8 miljoen.
De jongere generaties spreken goed Engels en Vilnius krijgt steeds meer de uitstraling van een West- Europese grote stad, met jazzclubs, restaurants, terrassen, cocktailbars en theaters, en uiteraard H&M en Zara. Daarnaast ademt de stad geschiedenis met tientallen monumenten.
Aan de andere kant van de rivier Vilnia die zich door Vilnius slingert, ligt vrijstaat Uzupis. Daar zijn ze minder met het verleden bezig. De bewoners – kunstenaars en bohemiens – hebben de stadswijk (met een knipoog) uitgeroepen tot een onafhankelijke staat, met een eigen vlag, grondwet, president en zelfs (jawel!) een twaalfkoppig leger. Op de tafels van de cafeetjes staan immer gevulde bierpullen. Uit een kunstgalerie klinkt een mix van hiphop en rock. Een groepje jongeren zit bij het vallen van de avond aan de rivier, onder de oude bomen waarin dromenvangers hangen. Ze delen een sigaretje, blikje bier in de hand.

‘Vrijstaat’ Yzupis aan de rivier Vilnia, Litouwen – Foto Birute Vijeikiene / Shutterstock
Een paar meter verderop beschrijven toeristen een al volgekalkte muur. Moeilijk om een plekje te vinden. Het is Uzupis’ protestmuur om wiet gelegaliseerd te krijgen. Poesjkin smoked too! staat er in graffitiletters, verwijzend naar de beroemde Russische dichter (1799-1837). Hier blijft geen enkele muur onbeschilderd: van stripfiguren tot presidenten, van gedichten tot protestkreten, van bloemen tot dieren: alles wordt in knalkleuren vereeuwigd.
Wat je in Litouwen overal ziet is barnsteen. Litouwers pronken er graag mee. Alle galerietjes (na vier heb je ze echt wel gezien) hebben de etalages er vol mee, maar dan ook prop-propvol oranjekleurige sieraden en stenen. Aan de gevel prijkt vaak een bord in diezelfde kleur. Het versteende, eeuwenoude hars van naaldbomen komt in de zee terecht en wordt gewonnen aan de westkust, in onder meer Klaipeda, zo’n 280 bosrijke kilometers van Vilnius vandaan.
Op het strand in Klaipeda loopt ambervisser Igoris Osnac in z’n legergroene broek en met zijn schepnet in de aanslag. Als hij tot zijn middel de zee inloopt, maakt zijn broek een slurpend zuiggeluid. De kou deert hem niet. Een kwartier later komt hij terug met een schepnet vol zeewier, wrakhout, schattige kwalletjes en, ja zeker, wie goed kijkt, ziet het: het oranje goud van Litouwen. Igoris vist het eruit en bekijkt zijn vangst. ,,Ik blijf erdoor gefascineerd.”
Hij wrijft met zijn droge hand over de barnsteentjes. Blaast erop. ,,Je moet ze wat schoonmaken, er aandacht en liefde aan geven, ze polijsten, maar dan zijn ze ook echt prachtig.” Even is hij stil. En zegt dan: ,,Net als Litouwen zelf.’’
Door Lisanne van Sadelhoff